Achter de schermen, Magazines
comment 1

Tien jaar Fantastic Man in 10 quotes

Mannenmodebladen zijn een niche, maar Fantastic Man heeft internationaal een grote schare lezers én adverteerders. Het recept voor een succesvol tijdschrift. Het Engelstalige independent magazine werd tien jaar geleden bedacht door het Nederlandse duo bladenmakers Gert Jonkers en Jop van Bennekom, nadat ze elkaar hadden leren kennen bij het Nederlandse lifestyleblad Blvd. Samen maakten ze naast hun werk het homoblad BUTT, wat een succes werd, maar nu wilden ze fulltime een tijdschrift gaan maken. Jop van Bennekom vertelt over tien jaar Fantastic Man.

“We wilden met Fantastic Man een blad maken dat vrolijker was, een gay-achtige sfeer heeft, maar nu konden we eindelijk ook hetero’s interviewen. Bij BUTT moest iedereen, van het model tot aan de fotograaf en de redacteur, homo zijn.”

“We hebben lang nagedacht over wat voor blad het moest zijn. We hebben eerst nog gedacht aan een algemeen modeblad, aan een blad over de dagelijkse ervaring met mode en aan een blad over sartorial– de kledingtechnische aspecten – dat het over kleding ging en niet zozeer over mode. En toen kwamen we op het idee van een mannenmodeblad. We zijn gaan rondkijken wat er bestond en toen bleek dat we veel ideeën hadden over wat wij vonden dat het zou moeten zijn. Dat hebben we geformuleerd en dat werd Fantastic Man.”

“Het moest over mannen gaan in plaats van over mode. Geen modellen, helemaal in zwart wit gedrukt worden en alleen over personal style gaan, niet over fashion, maar over kleding. We wilden persoonlijkheden interviewen. Daar hebben we lang heel erg aan vastgehouden. We wilden geen tijdschrift maken dat alleen maar gevuld was met modeproducties. Ik denk dat het interessant is om een blad te maken dat een heel duidelijke redactionele toon en inhoud heeft. Ik dacht dat dat de reden zou zijn dat mensen het zouden kopen en in het geval van Fantastic Man is het ook echt waar dat mensen terugkomen voor de redactionele inhoud.”

“We deden met Fantastic Man allemaal dingen die anderen niet deden in de mode. We hadden een duidelijke focus, een eigen stem met duidelijk eigen esthetiek, in ontwerp en fotografie. Het was een heel andere benadering en dat werd opgepakt door een aantal merken die dat wilden ondersteunen. Op het moment dat we Bret Easton Ellis (in 2009, red.) op de cover hadden ging het ‘los’, dat was wel een soort bruggetje. Mensen hadden hem nog nooit op de cover van een tijdschrift gezien. Het was niet alleen succesvol bij adverteerders, maar ook bij lezers. Het idee was toen ineens dat het blad veel groter was.”

“Je verdient niets aan distributie, maar wel aan advertenties. Je moet de code weten te kraken en dat is me gelukt, Maar ik ben wel op m’n bek gegaan. Bij het eerste nummer zijn we op een gegeven moment zelf modehuizen gaan bellen. Je hebt toch support nodig en we hadden we natuurlijk nul geld. Je denkt ook veel kleiner als je geen geld hebt. Het blad heeft nu enorm veel advertenties, onze positie is van een heel andere omvang dan dat het toen was.”

“Fantastic Man wordt vanuit Londen en Amsterdam gemaakt. In Londen werken ongeveer tien mensen, in Amsterdam drie à vier. Het wordt in Amsterdam in elkaar gezet. Eens in de zes weken vlieg ik naar Nederland om daar een paar dagen te verblijven. Het is soms lastig om als tijdschrift in twee landen te opereren, maar ik vind het ook wel leuk om hier een tijdschrift te maken. Hier gaat de telefoon nooit over, lekker rustig.”

“Fantastic Man had er in het begin last van dat het te Nederlands was. Bij modeshows werden we dan ingedeeld in het Nederlandse blok, ergens achterin, en tegenwoordig in het Britse blok. Dat geeft een heel andere positie. Ook qua advertising en budget.”

“We worden bij lezers niet als een Nederlands tijdschrift gezien. Wat specifiek is aan Fantastic Man is dat je juist niet zo goed weet waar het vandaan komt. Het is niet uitgesproken Italiaans, Frans, Amerikaans of Engels. Je weet niet zo goed waar het vandaan komt. Het komt meer ‘uit Europa’.”

“Een mannenmodeblad is een niche, een speciaal product, daarom komen we ook maar twee keer per jaar uit. Als je twee keer per jaar uitkomt kun je jezelf steeds opnieuw uitvinden. Eén keer per jaar is geen tijdschrift. De oplage ligt op 72.000 exemplaren, waarvan ongeveer de helft wordt verkocht, wat vrij hoog is. De rest gaat de papierversnipperaar in.”

“Op een gegeven moment gingen heel veel dingen op Fantastic Man lijken. Dat zie je in de visuele cultuur, de tong in cheek-achtige benadering van esthetiek en de mode zelf. Maar dat ebt ook wel weer weg.”

Deze uitspraken komen uit het publiekelijke interview met Jop van Bennekom in Arnhem in een gesprek over liefde voor tijdschriften, georganiseerd door OPA.

2

1 Comment

  1. Pingback: Leestip: Fantastic Man: Men of Great Style and SubstanceLatest Issue

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *


× one = 3